Wachten

Ze had zilverglanzende uggs, ik wist niet eens dat ze in die uitvoering bestonden. Ik zat met mijn vader te wachten bij de apotheek in het ziekenhuis en ze kwam naast mij zitten. Ze kwam, zeg maar, in mijn zone zitten, net iets te dichtbij terwijl de rest van de bank leeg was.
‘Het is verschrikkelijk,’ zei ze. Doordat ze zo dichtbij zat zag ik dat ze flink gerimpeld en gepoederd was. ‘Het is echt verschrikkelijk. Mijn moeder is in een maand tijd aan het dementeren geslagen. Ze is volledig de weg kwijt.’ Ik moest haar bekentenis even verwerken. Op het moment dat ik wilde antwoorden vervolgde ze: ‘En nu zijn we te laat voor euthanasie. Een paar weken geleden wilde ze nog, maar dat kan nu niet meer.’ Ik slikte. ‘Eh… jemig.’ De vrouw keek me indringend aan. ‘Ze is 93. Echt, het breekt je hart.’ Ik knikte. ‘En weet je, ik ben geeneens een mensenmens. Ik ben een hondenmens. En toch breekt het mijn hart.’ Ze had mijn onderarm beetgepakt. ‘Maar ze wordt hier wel goed verzorgd?’ vroeg ik. ‘Ja, nu ja, nu ligt ze hier. Omdat ze weer eens gevallen is. Maar normaal is ze thuis en dan doe ik het in mijn eentje. Want ik heb geen familie. Echt, het breekt je hart.’ Ze was me blijven aankijken, haar blik was scherp maar niet onvriendelijk. ‘Ja, ik heb wel een man hoor, maar daar heb ik niks aan in dit geval want het is maar een man.’ Het klonk allesbehalve verwijtend, het was gewoon een feit. ‘Oh…’ zei ik. ‘En dan is het ook nog eens mijn verjaardag vandaag!’ besloot ze, terwijl ze opstond omdat ze aan de beurt was. ‘Maar dat hebben we al gevierd hoor, zaterdag ben ik naar Joop van den Ende geweest, naar de musical. Geweldig!’ Ze zei het over haar schouder, ze was al bijna bij de balie. ‘Gefeliciteerd!’ wenste ik haar toe, maar ik denk niet dat ze het hoorde.
Het was een wonderlijke ontmoeting maar toch voelde het als een geslaagd menselijk contact, om maar eens met Voskuil te spreken.

 

 

.